|
“Werk, werk, werk” is zeker niet de hoofdmotivatie om tewerkstelling als pijler te nemen van het Hanzestadproject. Het Hanzestadproject is alleszins niet blind voor de huidige economische malaise maar wil voornamelijk oproepen om ons te bezinnen over welke economische ontwikkeling we willen. Storten we ons blind op de transportsector (die evt. wel kunnen leiden tot een paar duizend jobs maar die het probleem vnl. uitstellen) of kiezen we voor investeringen in duurzame energievormen (die 20à25.000 jobs kan opbrengen op middellange termijn)? Duurzame ontwikkeling en tewerkstelling: water en vuur? Economisten linken duurzame ontwikkeling soms aan woorden als regelneverij, geldklopperij (om de begroting te doen kloppen), … Dat duurzame ontwikkeling onverwachte groeimogelijkheden kan scheppen voor bedrijven vinden zij ondenkbaar. Maar is dat zo? In december verschenen er berichten dat de toekomst van vele skigebieden bedreigd wordt door de opwarming van de aarde, globalisering zorgt voor een nooit geziene verhuis naar lage loonlanden. De eerste wereldsector die dreigt failliet te gaan is de verzekeringssector en niet de chemische nijverheid noch de autosector (juist door de opwarming van de aarde en de polarisering – deze laatste leidde tot bijvoorbeeld het 11 septemberdrama) … stof tot nadenken ! (tip: lees boeken van P. Hawken, J. Elkington, ...) De Vlaamse context: van mainport naar brainport Met de meest energie-intensieve economie van Europa wordt onze economie immers meer en meer de speelbal van de door schaarste opgejaagde wereldmarktprijzen voor energie. De situatie lijkt voor Vlaanderen m.a.w. weinig rooskleurig. Voeg daarbij nog eens de dreigende klimaatswijzigingen (en de Kyotodoelstellingen die nog maar een voorproefje zijn van het echte werk) en je weet het: we zitten in een doodlopend straatje. Om met onze hoge loonkosten toch nog voldoende duurzame economische groei te kunnen optekenen, zullen we op andere paarden moeten wedden. In plaats van overheidsmiddelen, natuurlijk en sociaal kapitaal te blijven “verspillen”, moeten we meer investeren in kennisintensieve en duurzame sectoren zoals ICT, micro- en opto-elektronica, mechatronica, milieutechnologie, … Ook investeringen in de dienstensector zijn meer honkvast en worden gekenmerkt door kwaliteitsconcurrentie i.p.v. prijsconcurrentie. We moeten m.a.w. investeren in “brain ports”: in glaskabels, goedkope breedbandverbindingen, … in plaats van in beton en staal. Tenslotte moeten we naar de top van het Europese peloton wat betreft R&D: waar momenteel slechts 1,6% van het BBP wordt geïnvesteerd zien we in Zweden zo'n 3,80%! Dit vraagt natuurlijk een serieuze inspanning van de overheid. Zo'n “ommekeer” betekent immers vele push & pullmaatregelen, zoals bijvoorbeeld het fiscaal stimuleren van K30-woningen of het invoeren van een “slimme” kilometerheffing. Indien dit echter consequent gebeurt leidt dit – in tegenstelling tot lastenverlagingen – gegarandeerd tot extra investeringen, extra werkgelegenheid én een vermindering van de milieudruk Met zo'n transitiebeleid kunnen we Vlaanderen echt op weg zetten naar een duurzame economische ontwikkeling. Hierdoor halen we ook de doelstellingen die gesteld werden in het Pact van Vilvoorde (bvb. “Vlaanderen wordt een topregio inzake eco-efficiëntie”). naar een column van Bond Beter Leefmilieu Vlaanderen
Als we dan weer focussen op Brugge zien we dat de diverse industrialiseringsgolven Brugge niet vergaten: BN Bombardier vestigde zich reeds in de 19de eeuw in Brugge, de haven van Zeebrugge werd stevig uitgebouwd in de tweede helft van de vorige eeuw, … De laatste decennia zien we echter een stilval in de economische ontwikkeling. Oké, er komen KMO's bij. Oké, er werden extra jobs gecreëerd maar de ICT-golf of de boom aan hoofdkwartieren trok onze regio voorbij. Het Hanzestadproject wil dan ook de oproep doen om na te denken over de Brugse regio en de tewerkstelling: breken we uit onze schelp of niet? We kiezen resoluut voor een trendbreuk en gaan verder op het kernidee “van mainport naar brainport”. Uiteraard wil dit niet zeggen dat we de bestaande industrie of haven zullen laten verloederen, integendeel zelfs: nieuwe innovatieve “propere” processen kunnen ook voor deze sectoren een immense impuls geven. 1) een hoofdkwartierenzone De diverse overheden en economische denktanks in Brugge beseffen heel duidelijk dat deze neerwaartse spiraal omgebogen moet worden. Ze lanceerden daarom het voorstel voor een hoofdkwartierenzone in Brugge. In het kader van het Hanzestadproject kunnen we deze vraag op het eerste zicht zeker ondersteunen. Een hoofdkwartierenzone voor Brugge? Uit diverse definities filterden we 3 basisingrediënten voor een HQ-zone:
Voor Brugge kan je bij een prestigieuze locatie denken aan locaties in het groen (betekent echter het aansnijden van nieuw open ruimtegebied of het rooien van een bos) ofwel het ten volle benutten van het historisch verleden van de stad (zo zou een Brugs “hoofdkwartier” buitenlandse gasten kunnen ontvangen in een kantoor met zicht op de Onze Lieve Vrouwkathedraal en op een steenworp van alle andere “attracties”). In het Hanzestadproject kiezen we voor de laatste optie, gezien deze staat voor een duurzaam inbreidingsproject! 2) focussen op ICT, kantoren, call centres, … Natuurlijk kunnen we de groei niet alleen opvangen in het centrum en hebben niet alle bedrijven nood aan prestigieuze locaties. Bij tal van bedrijven primeert bvb. de bereikbaarheid boven het prestigegehalte van de site. Ook voor deze bedrijven hebben we goed nieuws uit Brugge, de nieuwe Hanzestad. Uit een studie van Buck Consultants International blijkt immers dat de belangrijkste factor waar bedrijven naar kijken bij de selectie van een nieuw kantoor de (auto)bereikbaarheid is. Onder druk van de toenemende verkeerscongestie neemt hierdoor het belang van openbaar vervoermodi toe. De conclusie van het rapport luidt dan ook dat stationslocaties die ook bereikbaar zijn met de wagen, dé toplocaties van de toekomst zijn voor de kantorenmarkt. En laten we nu juist aan dat station enorm veel onbenutte en onderbenutte ruimte liggen! Bovendien hebben stationsites het voordeel dat ze perfecte locaties zijn voor ICT-bedrijven, call centres, …: de NMBS heeft immers naast haar spoorlijnen een enorm glasvezelnetwerk uitgebouwd dat Brugge verbindt met pakweg Luxemburg. top - naar webpagina "pijlers" - naar webpagina "leefbaarheid" |