De Hanzestadgesprekken van de Club van Brugge (16 april 2004)
|
Abstract: Het Hanzestadproject wordt gedragen door het Hanzestadnetwerk en wil in een Hanzestadproces een Hanzestadtraject van duurzame stadsplanning afleggen. De grote baas van de Fabricom Groep die het Groene Gordel Front uitdaagde om de 4 P's van duurzame ontwikkeling (People - Planet - Participation – Profit) ernstig te nemen, zorgde (zonder het waarschijnlijk zelf te willen) voor de geboorte van het Hanzestadnetwerk, dat nu evolueert naar een Hanzestadproces ... met en door Bruggelingen. Het Hanzestadnetwerk nodigde de lokale actoren uit om te participeren aan deze denkoefening over de stad van de toekomst ... Wat volgt is een korte impressie. De heersende ondertoon in de meeste gesprekken is er één van constructivisme en hoopvolle signalen. Er is een algemeen besef dat er moet samengewerkt worden aan een leefbaar, bruisend en duurzaam Brugge. Waar de Club van Rome in de vorige eeuw grenzen aan de groei en aan de planeet aarde stelde; stelt de club van Brugge grenzen aan de stad onder het motto van STOP DE niet-duurzame STAD. Bouw samen met je burgers en burgeressen aan de Hanzestad van duurzaamheid en dierbaarheid in co-productie ! Volgende gesprekspartners werden bezocht:
We kozen voor een thematische aanpak. Daarbij bespreken we eerst “Duurzame Economie”. Vervolgens kaarten we de thema's “Duurzame Ontwikkeling” en “Mobiliteit” aan. We bespreken de reacties die werden gemaakt over de locaties van het Hanzestadproject en halen de opmerkingen in verband met ruimtelijke ordening aan. Verder behandelen we de thema's “Conflict” en “Dialoog”. Tot slot sommen we enkele toekomstige Hanzestadgesprekken op en situeren we het Hanzestadnetwerk. De teksten in dit document zijn een eerlijke weergave van de gesprekken met de locale actoren en zijn niet noodzakelijk het officiële standpunt van de genoemde partijen of organisaties. We onthouden vooral de bedenking van een lid van de Stedenbouwkundige Begeleidingscommissie dat ‘het Hanzestadproject een verbinding van alles maakt op een hoger niveau. Dat is pas een interessante uitdaging die entoesiasmerend werkt. Het bundelen en groeperen, de verbanden die gelegd worden,…brengen alles op een hoger niveau dan de losse stadsplannen nu.' "Wij, steden en gemeenten, verbinden ons ertoe de opdracht van Agenda 21, het op de wereldmilieutop van Rio de Janeiro goedgekeurde basisdocument, uit te voeren door met alle maatschappelijke geledingen - burgers, bedrijfsleven en belangengroepen - samen te werken bij het opstellen van onze Lokale Agenda 21. Wij onderschrijven de oproep in het Vijfde Milieuactieprogramma van de Europese Unie, "Op weg naar duurzame ontwikkeling", volgens welke alle sectoren van de samenleving gezamenlijk verantwoordelijk zijn voor de uitvoering van het programma. Daarom zullen wij onze inspanningen baseren op samenwerking tussen alle betrokkenen. Wij zullen ervoor zorgen dat alle burgers en belangengroepen toegang krijgen tot informatie en aan het lokale besluitvormingsproces kunnen deelnemen. Wij streven naar scholings- en opleidingsmogelijkheden op het gebied van duurzame ontwikkeling, niet alleen voor de bevolking in het algemeen, maar ook voor gekozen vertegenwoordigers en ambtenaren van de lokale overheden." Uit het Handvest van Aalborg Duurzame economie Het Hanzestadproject, dat in hoofdzaak een economisch project is, kan om die reden niet bestaan zonder ondersteuning van de bedrijfswereld. Het standpunt van de West-Vlaamse Kamer van Koophandel terzake is dan ook wenselijk. De Kamer benadrukt enerzijds de noodzaak van een langetermijnvisie, anderzijds wijst ze op de kansen als voortrekker in de evolutie naar een duurzame economie. De West-Vlaamse Kamer van Koophandel geeft aan dat ecologisten gemakkelijk praten hebben wanneer zij stellen dat Vlaanderen dringend moet kiezen voor een duurzame economie. De Kamer wijst erop dat er in Vlaanderen weinig adequate incentives aanwezig zijn om het industrieel weefsel te veranderen. Daarnaast stimuleren de hoge loonkost en de fiscale last bedrijven niet om de stap te zetten naar een duurzamer beleid. Desalniettemin stelt de West-Vlaamse Kamer van Koophandel dat het bedrijfsleven zich ervan bewust is dat de (niet-duurzame) manier van ondernemen zoals die in de jaren '60 en '70 voorkwam niet langer kan. De bedrijfswereld erkent met andere woorden het belang van een op duurzaamheid gerichte manier van ondernemen. De rol die de milieubeweging en meer in het bijzonder het Hanzestadnetwerk in dat project zou moeten vervullen is die van een prikkelende, adviserende en stimulerende partner. Concreet kan dat door het aanbrengen van voorstellen voor duurzamer ondernemen, die enerzijds passen binnen de marktmechanismen en anderzijds een sense of urgency aantonen. Die sense of urgency duidt op de noodzaak of de wenselijkheid die bedrijfsleiders al dan niet waarnemen om duurzamer te ondernemen. Met andere woorden, wat overtuigt hen om op een andere manier te werken. Het Hanzestadnetwerk is geen voorstander van het “problemen oplossen als ze zich stellen”-principe en kiest voor een lange-termijnvisie. De West-Vlaamse Kamer van Koophandel benadrukt dat dat een belangrijk punt is in de stap naar duurzaam ondernemen. De meeste ondernemers zien de lange termijn niet als problematisch, omdat ze nauwelijks tijd hebben voor projecten op korte termijn. Een mentaliteitswijziging op dat gebied is dan ook een noodzakelijke stap naar een duurzame economie. Om tot zo'n mentaliteitswijziging te komen stelt de West-Vlaamse Kamer van Koophandel voor om ondernemers te wijzen op het trendsetters-imago van duurzaam ondernemen. Door vlug mee op de kar te springen of zelfs door een voortrekkersrol te spelen ontstaat de unieke kans om een competitieve voortrekker te zijn in het domein. Ook daar ligt een belangrijke uitdaging volgens de Kamer. Het is niet alleen noodzakelijk voor het Hanzestadnetwerk om gelijk te hebben, veel belangrijker nog is het om gelijk te krijgen. De Kamer wil graag de discussie aangaan over duurzame ontwikkeling in Brugge. Voorwaarde is dan echter wel dat die discussie niet start met a-priori's, maar met een blanco blad. Ook de CD&V is niet gekant tegen een duurzame economie en vindt het daarom positief dat het Hanzestadproject ook economische aspecten van duurzaam ruimtegebruik in overweging neemt. Duurzame ontwikkeling Volgens de Stedenbouwkundige Begeleidingscommissie is duurzame ontwikkeling als rode draad in het Hanzestadproject een boeiend gegeven. Huidige stedenbouwkundige plannen worden niet gemaakt vanuit dat oogpunt. Voorstanders van duurzame ontwikkeling zien de toekomst optimistisch tegemoet. Duurzame ontwikkeling kan fantastische doorbraken scheppen, ook voor de economie. In sommige gevallen kan het energieverbruik met een factor vier verminderd worden. Bepaalde ondernemingen, waaronder Ikea, bouwen op basis van hun ecologische visie een grote voorsprong op tegenover hun concurrenten. Het fenomeen van de alleenstaanden in de stad en hun consumptiepatroon is een uitdaging voor de duurzame ontwikkeling. Er is nood aan de bouw van een nieuw middenveld in de stad. Dat moet ervoor zorgen dat de verschillende eilanden in de stad met elkaar verbonden worden en moet de mensen opnieuw kansen geven om zich te engageren in de samenleving buiten de overheid of de markt. Mobiliteit De Stedenbouwkundige Begeleidingscommissie benadrukt dat het erg belangrijk is om het Hanzestadproject uitvoerig te testen aan de mobiliteitstoets. Bij de meeste mensen heerst nog steeds de mentaliteit van “mijn wagen, mijn vrijheid”. Daarom is het belangrijk dat er rekening wordt gehouden met een eventuele toevloed van wagens door het Hanzestadproject. Men moet absoluut vermijden dat de ring rond Brugge dichtslibt. Randparkings en taxishuttles moeten ervoor zorgen dat auto's zoveel mogelijk uit de binnenstad geweerd worden. Het Hanzestadnetwerk verwijst naar het Groene Gordel Alternatief voor een duurzame mobiliteit dat op 09/10/02 op het Brugse stadhuis werd gepresenteerd. Er steekt veel meer kwaliteit en aantrekkelijkheid in het Hanzestadproject en haar mogelijke HQZ-sites dan in de HQZ-sites van de overheid : profiteer van de nabijheid van een kunsthistorische binnenstad als prestigieuze top-locatie op wandelafstand van een openbaar vervoersknooppunt als het Brugse station. De just-in-time filosofie en de vele managers-afspraken per dag kunnen toch ook creatief opgelost worden? De VLD waarschuwt voor de correlatie tussen inbreiding en overbelasting, ondermeer qua mobiliteit. De partij vindt dat spreiden van functies in sommige gevallen beter kan zijn. Het idee van de halfhoge vaste Steenbruggebrug vindt de gemeente Oostkamp een goede denkpiste. Die brug is een echt knelpunt. Als het kostenplaatje en de techniciteit tenminste haalbaar zijn! Het lijkt dan ook aangewezen niet te lang te wachten om de bevoegde diensten aan te spreken. De vraag rijst wat de stad Brugge wil? Indien de brug technisch haalbaar is en er geld is dan kan de gemeente Oostkamp samen met het Hanzestadnetwerk en de stad Brugge het beste beentje voorzetten ... Oostkamp is alvast geen tegenstander! Het duurzame verhaal van het Hanzestadnetwerk is gegroeid vanuit de zachte weggebruikers (Vaartdijk = Fietsdijk), Het Groene Gordel Front komt op voor het zwakke en kwetsbare (de natuur: Lappersfort en context van groene kanaalvinger). Laat ons dit niet vergeten en naast economische ontwikkeling ook het zwakke en het kwestbare belangrijk vinden in het stadsdebat; aldus nog het Hanzestadnetwerk. De SP.a herinnert eraan dat burgemeester Frank Van Acker indertijd een pionier was met zijn mobiliteitsplan voor de binnenstad. Dit plan is ondertussen achterhaald. Brugge heeft te lang gewacht (nog maar enkele jaren geleden) om bijvoorbeeld de auto's van de markt te weren. Ook de Brugse stadsbesturen hebben positieve dingen gedaan, maar blijven nu even steken ... alhoewel met het vernieuwde mobiliteitsplan toch vernieuwde prikkels zien. Locatie hoofdkwartierenzone In opdracht van Vlaams minister van Financiën en Begroting, Ruimtelijke Ordening, Wetenschappen en Technologische Innovatie Dirk Van Mechelen voerde Buck Consultants een studie uit over de toekomst van de kantorenmarkt in Vlaanderen. Uit die studie blijkt dat er een positieve ontwikkelingstrend is in de buurt van stations. Volgens de studie hangt de keuze voor decentrale en perifere locaties nauw samen met verkeers- en parkeerproblemen in de meeste binnensteden. Nog volgens diezelfde studie zoeken grote kantoororganisaties naarmate de verkeerswegen verder dichtslibben steeds meer de nabijheid van het openbaar vervoer op. Een bijkomde troef voor de Brugse stationsbuurt is de aanwezigheid van het glasvezelnetwerk van de NMBS, wat vooral een troef is voor de ontwikkeling van ICT. Het Hanzestadnetwerk benadrukt in dat verband dat het inbreidingsproject ondermeer de lokale middenstand ten goede zal komen. Die bewering wordt echter betwist door de West-Vlaamse Kamer van Koophandel, die dat een vrij één-dimensionele redenering vindt. Volgens de Kamer zal de kleine middenstand op termijn uit het stadscentrum verdwijnen. Nochtans is het aannemelijk dat het Hanzestadproject wel degelijk een aantal binnenstadsfuncties zal versterken. Ongetwijfeld zal de horeca een extra stimulans krijgen door de aanwezigheid van hoofdkwartieren op wandelafstand van de binnenstad. De West-Vlaamse Kamer van Koophandel vindt dat er dringend keuzes moeten gemaakt worden. De discussies over de hoofdkwartierenzone duren al meer dan 10 jaar. De Kamer vraagt om in onderling overleg prioriteiten te ontwikkelen. Het Hanzestadnetwerk is blij met die uitnodiging en roept op tot een stadsdebat over de kwestie. Samen de laagste vruchten plukken. Volgens de Kamer is er in de ondernemingswereld een langzame trend naar het hanteren van kwaliteitsmodellen. De grote architecturale kwaliteitsverbetering van de laatste decennia is daarvan een opmerkelijk voorbeeld. Dat is een extra troef voor Brugge. Gezien de stad vanwege zijn architecturaal potentieel in een bijzonder goede positie staat, kan de aandacht niet alleen gelegd worden op het ontwikkelen van het businesstoerisme, maar ook op het aantrekken van kwaliteitswerkers. De CD&V wijst er op dat enerzijds de gezinsverdunning en anderzijds de ambitie van de paarse regering om van België een logistiek centrum te maken als gevolg hebben dat er in de nabije toekomt nog heel wat open ruimte zal moeten worden aangesproken voor nieuwe woonzone's en wegen. De Stedenbouwkundige Begeleidingscommissie stelt dat de idee van ondertunneling van de wegen aan het station een interessante denkpiste is. Mogelijk kunnen er in dat verband wel problemen zijn met de watertoets. Onderzoek dient zich aan… Sommigen binnen de Stedenbouwkundige Begeleidingscommissie (in casu Charles Vermeersch) vinden de keuze voor de terreinen van Oud-Sint-Jan voor de headquarterszone in plaats van de Chartreuse een interessante piste. Het Chartreusedossier is een dinosaurus die de gemeenteraad al heel lang meesleept. De toekomst van het Chartreusedossier ziet er niet goed uit, maar het kalf is nog niet verdronken. In elk geval heeft het Brugse Stadsbestuur het Hanzestadproject geen onzin genoemd en wil men het ernstig nemen als een niet te negeren signaal uit de maatschappij. Nieuwe visies kunnen altijd ingang vinden. Men houdt al meer dan tien jaar vol dat de headquarters in de Chartreuse komen en er staat nog altijd niks ..., aldus de Lappersfortpolitici uit SP.a - Spirit en Groen!. De Lappersfortpolitici raden aan om de Brugse middenstand warm te maken voor het Hanzestadproject. Het Hanzestadnetwerk zou contact moeten opnemen met de voorzitter van de Handelsgebuurtekringen. Bij hoogwaardige tewerkstelling horen mogelijkheden inzake gastronomie en recreatie. Een headquarterszone in de stad is goed voor het personeel in de headquarters-kantoren én voor de Brugse middenstand. Of laten we alles wegtrekken uit het centrum van Brugge en zal het nieuwe centrum binnen enkele jaren rond Loppem liggen? Volgens de VLD is het onzin de toekomst volledig te willen vastleggen. De partij stelt dat het Hanzestadproject enkel zoveel mogelijk inbreidingsprojecten wil realiseren, om te voorkomen dat er open ruimte wordt aangesneden. De partij vindt dat de mogelijkheid om economische projecten op te starten niet mag worden gehinderd door een verbod op uitbreiding. Het Hanzestadnetwerk vindt het technisch gezien niet langer nodig en moreel gezien niet langer verdedigbaar om steeds opnieuw open ruimte aan te snijden. In een kwantitatief zwak groeiende economie (de normale toestand voor een economie die in een post-industriële fase verkeert) is de spontane vraag naar nieuwe bedrijventerreinen eerder zwak. Daarnaast moet men rekening houden met de verschuiving van industriële naar dienstenactiviteiten. Dit heeft als gevolg dat het veel eenvoudiger wordt om te werken met verschillende verdiepingen, waardoor men minder ruimte nodig heeft. Bovendien moet men er rekening mee houden dat de ruimte beperkt is. Men kan met andere woorden niet blijven oude industrieterreinen dumpen en nieuwe terreinen aanleggen. De beschikbare ruimte moet zo optimaal mogelijk aangesproken worden. Zo lang er mogelijkheden voor inbreiding en concentratie zijn, moet men eerst daarvoor kiezen. Nog volgens de VLD moet men Brugge zien als het centrum van een wijder netwerk. Brugge moet samen met de omliggende gemeenten één dynamisch geheel vormen, met Brugge als knooppunt. Een voordeel van zo'n globale visie is dat men vermijdt dat de verschillende gemeenten afzonderlijk industriezones plannen. Het Hanzestadproject gaat over Brugge én Ommeland. Ook Spirit deelt die mening. Een groots headquartersproject gaat niet enkel Brugge, maar de hele streek en provincie aan, en moet om die reden grensoverschrijdend bekeken worden. Ruimtelijke Ordening Een pijnpunt van de Ruimtelijke Ordening in Brugge en Vlaanderen is de “geheime kamer politiek”. Rond de afbakening van het stedelijk gebied is er geen communicatie, laat staan inspraak. Er is zelfs geen antwoord op vragen. Wat is participatie waard als de openbaarheid van bestuur van de Brugse GECORO moet gebeuren onder begeleiding van de lokale politie en van de BOB? Dat zegt veel over het participatie-gehalte ... Op de voorstellen van het Hanzestadnetwerk voor een communicatieraad kwam nog nooit een officieel antwoord. Zelfs geen bedankje voor het mee-denkwerk ... Nieuwe tijden kunnen aanbreken als de Hanze uit haar as herrijst. Men kan daarvoor verwijzen naar de persnota van 11 maart rond "de werf van de eeuw" waarin het Hanzestadnetwerk van in het begin een communicatie Task Force voor het station voorstelt. Een dringende vraag aan Minister Van Mechelen om de participatie en de communicatie, de coproductie en de inspraak rond Ruimtelijke Ordening in Vlaanderen beter en duurzamer te sturen. Conflict Het Hanzestadproject is gegroeid uit een conflict. Tijdens de Lappersfortbosbezetting stonden de verschillende partijen met getrokken messen tegenover elkaar. Toch mag zo'n gespannen situatie geen hypotheek leggen op de toekomst. Door op een constructieve manier samen te werken en elkaar als gesprekspartner te respecteren ontstaat er een duurzame basis voor positieve projecten. Het Hanzestadproject kan er daar één van worden. Als we dit conflict samen zouden kunnen beëindigen dan zou de boodschap ook duidelijk zijn: "burgers en bestuur horen samen als elkaars medekrachten". En dan kunnen wij het Lappersfort-verhaal herinneren als een avontuur dat we samen heelhuids overleefd hebben. Natuurlijk met kleerscheuren en blauwe plekken op onze ziel. Maar dat is nu éénmaal geboorte-pijn. De uwe, maar ook de onze. (aldus het Groene Gordel Front op bezoek bij het Brugse Stadsbestuur 15/12/03) Het Hanzestadnetwerk gelooft niet in aanhoudende conflicten en tracht steeds door middel van overleg naar oplossingen te zoeken. Het Hanzestadnetwerk is blij dat Burgemeester Patrick Moenaert die mening lijkt te delen en enkele leden van het Groene Gordel Front ontving voor een kerstgesprek. Die ontvangst kan worden gezien als een kleine toenaderingsstap tussen de burgervader en de Lappersfort-beweging waaruit het Groene Gordel Front is ontstaan. (Brugse Stadsomroep 2003) Stervelingen zoals actiegroepen en stadsbesturen siert de gezamenlijke zoektocht naar een gedeelde waarheid. Naar ons aanvoelen is er een kans dat dit kan lukken met het Hanzestad-project, waar burgers en bestuurders het wagen om elkaars medekrachten te zijn ... (aldus een lezersbrief van het Groene Gordel Front in het Brugs Handelsblad eind 2003) Dialoog Het Hanzestadnetwerk stelt dat na honderden bezoeken aan lokale actoren van allerlei aard er overal veel talenten en goede wil werd vastgesteld. Het Hanzestadproces is een unieke kans om samen een positief contract van strategische samenhorigheid uit te bouwen, om samen stem te geven aan een duurzame samenleving. In Brugge lijkt dat echter vaak op een boksmatch van bestuur tegen burgers. De voors en de tegens neutraliseren elkaar en samen voor iets gaan kan niet in Brugge ... En zo mislukt heel veel! De West-Vlaamse Kamer van Koophandel wenst het Hanzestadnetwerk proficiat met het Hanzestaddocument. Het getuigt niet alleen van visie en intelligentie, maar ook van gezond boerenverstand. De Kamer drukt de wens uit om samen verder te werken aan een pilootproject als gemeenschappelijk Brugs verhaal waarin economie en ecologie hand in hand gaan. De Kamer stelt voor om een aantal bedrijfsbezoeken te organiseren, zodat het Hanzestadnetwerk een duidelijke voeling kan houden met de concrete milieuproblematiek op het terrein. Onder de indruk van het Hanzestadproject geeft Patrick De Klerck (kabinet minister Van Mechelen) een proficiat-pluim aan het Hanzestadnetwerk voor het mooie werk. Rond de stationsomgeving kunnen het Hanzestadnetwerk en de overheid elkaar versterken. Het zelfde geldt voor de achterhaven, om daar nieuwe potenties te creëren in een mix van wonen - werken - recreatie. Daarnaast zou ook de slachthuissite opgenomen kunnen worden in de stadsplanning. Over de beurssite is er meer denkwerk nodig en ook de locaties waar we wonen kunnen stimuleren op oude sites dient dringend onder de loupe genomen te worden. Er is veel convergentie en het is daarom aangewezen niet altijd tegenstrijdig te zijn met elkaar. Feedback is voor het Hanzestadnetwerk welkom. En natuurlijk is het niet zo dat het Hanzestadnetwerk ruimtelijke ordening als een zwart-wit verhaal voorstelt. Bij een vorig bezoek heeft het Hanzestadnetwerk zelfs een pluim gegeven aan minister Van Mechelen voor de vele duurzame projecten die er ook zijn. Dat sluit niet uit dat er nog verschilpunten zijn en dat er nog onenigheid is over de Chartreuse. De CD&V vindt dat enkel de dialoog tot oplossingen kan leiden. Vandaar dat de partij het erg goed vindt dat er in het Hanzestadproject veel ruimte is voor dialoog. De CD&V waarschuwt het Hanzestadnetwerk echter. Wanneer het Hanzestadnetwerk enkel spectaculaire acties wil voeren, moet het beseffen dat daaruit niet noodzakelijk resultaten voortvloeien. Kiest het echter voor de dialoog, dan houdt dat in dat het Hanzestadnetwerk zich moet voorbereiden op langdurige gesprekken en onderhandelingen. Ook de VLD waarschuwt hiervoor. De realisatie van de voorstellen uit het Hanzestadproject zullen veel geduld vergen. De partij raadt aan om de Hanzestadideeën door te spelen aan de politieke partijen, zodat ze opgenomen kunnen worden in het programma voor de gemeenteraadsverkiezingen van 2006. De VLD, bij monde van Miguel Chevalier, spreekt zijn waardering uit voor de concrete stadsplanning als een burgerinitiatief van onderuit en stipt aan dat de huidige sociale woonwijken inderdaad niet duurzaam gebouwd zijn. Voor hem is het extra-interessant: hij maakte de ontmoetingen met andersglobalisten in Porto Alegre mee en was ook op de top rond duurzame ontwikkeling. Wanneer hetzelfde lokaal bij je eigen wortels groeit, kan je dat volgens hem niet negeren en is de dialoog nuttig. Chevalier stelt bovendien - verwijzend naar Frank Van Acker - dat hij het groen even goed in de stad wil zien als in de omgeving ervan. We moeten dus naast groen rond de steden ook volop groen en parken en bossen in de steden creëren! Spirit juicht het Hanzestadproject toe. Het toont aan dat het Hanzestadnetwerk niet enkel bezig is met het beschermen van bomen, bossen en groene gordels maar ook met economie. De SP.a is bereid om samen met het Hanzestadnetwerk verder over het Hanzestadproject na te denken en om in de toekomst opnieuw contact op te nemen. Het ACW stelt dat zij drie positieve zaken hoort in het betoog van het Hanzestadnetwerk:
Als ACW willen zij naar het Hanzestadnetwerk luisteren en de boodschap doorgeven aan hun organisaties en leden. Toetreden tot het Hanzestadnetwerk ligt echter moeilijk. Om ervoor te zorgen dat burgers rechtstreeks betrokken kunnen worden bij het beleid stelt het Hanzestadnetwerk voor om een instrument aan te bieden waardoor er meer kans is tot inspraak. Niet via de gesloten deur, maar op een open manier. Een waardevol instrument daartoe is de communicatieraad. Een voorbeeld van een communicatieraad dat vaak wordt aangehaald is dat van de stad Turnhout. Eén keer per maand komen politici, burgers en ambtenaren samen rond de tafel om de “stand van de stad” te bespreken. De communicatie verloopt er in twee richtingen, niet enkel van boven naar beneden. Om misverstanden te vermijden verbindt het Turnhoutse stadsbestuur zich ertoe alle projecten en plannen vroegtijdig aan de bevolking voor te leggen. Intussen gebeurt dat in Turnhout al meer dan 20 jaar. Bijzonder aan de Turnhoutse communicatieraad is dat iedereen er als gelijkwaardig wordt beschouwd. Nog te vaak hebben burgers, wanneer ze inspraak of meespraak krijgen, het gevoel dat de politici hun al genomen beslissingen met zo weinig mogelijk aanpassingen door de vergadering willen jagen. Door op een constructieve manier samen te werken met de burger, zoals dat in een communicatieraad kan gebeuren, ontstaat er een grotere kans op een breder draagvlak voor nieuwe projecten. Het lijkt dan ook nuttig om deze ideeën van een communicatieraad samen verder uit te werken met de betrokken adviesraden (oa. Minaraad, Mobiliteitsraad, GECORO), het Hanzestadnetwerk en geïnteresseerde burgers. De weg van representatieve naar coachende politici is er één van lange adem. Vele raden vertegenwoordigen samen verschillende belangen en dikwijls ook patstellingen. Er dient gezocht te worden naar een partnerschap tussen het publieke, politieke en economische om samen naar oplossingen te zoeken. Volgens st R aten-generaal wordt de wakkere burger helaas vaak niet gehoord door een smalende overheid. Bestaande inspraakrondes missen een goede regie en een degelijk stappenplan en zo wordt vaak de kloof met de burger nog groter en haakt het publiek af ... Er dienen betere en meer instrumenten te komen om de publieke mondigheid en de inspraak te organiseren. Politici dienen het algemeen belang te vertegenwoordigen, maar waar vinden we nog zulke politici? Volgens de West-Vlaamse Kamer van Koophandel is de Mechaniek van Ruimtelijke Ordening “dansende plannen en een grote vervreemdende machine” (die negatief inwerkt op de mensen). En dat terwijl alle partners duidelijkheid en voorspelbaarheid wensen! Er zijn teveel tegengestelde krachten die elkaar tegenspreken en neutraliseren . Die polarisatie is een democratische tijdbom ... Er zijn geen fora voor duurzaamheidsdenken (lange-termijnvisie) waar de spelers allerhande met elkaar on speaking terms kunnen meedenken in plaats van elkaar te beperken ... Het Lappersfort-schandaal en het aanhoudende conflict daarrond is slecht voor het imago en de marketing van Brugge. Er moeten dringend lokale rondetafels komen waar lange-termijnoverleg met diverse gesprekspartners kan gebeuren. Meedenken met elkaar in plaats van elkaar beperken! Nu is er teveel een mei 68 'er strijd van tegengestelde krachten die elkaar tegenspreken en neutraliseren in polarisatie ... De positie van het Hanzestadnetwerk is een constructieve. Er is veel goeds en moois in Brugge. En zoals elkeen houdt het Hanzestadnetwerk van zijn stad en de mensen die er zich voor inzetten. Vanuit de meerderheid of de minderheid of vanuit het middenveld. Ze verdienen allemaal een pluim voor hun vele positieve daden. En ze verdienen maximale kansen voor een toekomstige constructieve samenwerking. De vrijwilligers van de lokale oppositie en de lokale milieu- en natuurbeweging en hun adviesraden functioneerden tot hier toe soms als eilandjes. Eilandjes die vaak vergeten waren verbindingen te leggen met elkaar en met de bevolking. Ook de stedelijke overheid met hun planningsgroepen en intercommunales verwaarloosden vaak die verbindende communicatie. Als we als Hanzestadnetwerk iets beseffen dan is het wel dat voor een goed functioneren van de samenleving overheid, politici, middenveld, ruimtelijke planners en burgers van goede wil wederzijds nood hebben aan elkaar en aan dwarsverbindingen; aldus het Hanzestadnetwerk ! Nu duidelijk is gebleken dat er in Brugge 2004 een grote nood is aan beter overleg en een constructieve dialoog, verbindende netwerking en echte communicatie, kunnen we samen met velen werken aan die nieuwe cultuur binnen het Hanzestadproces ??? Toekomstige Hanzestadgesprekken
In de Standaard van 27/12 zegt Dhr. Hemschoote van de GOM dat in de toekomst over een ander soort economie zal moeten nagedacht worden. De GOM beseft dat aan het innemen van steeds meer open ruimte voor bedrijventerreinen op middellange termijn een einde moet komen. Het Hanzestadnetwerk vindt dat dit niet in de toekomst moet gebeuren, maar nu! Het is daarom blij met de geplande ontmoeting.
Ook in de creativiteit van het samendenken (cf. Groene Gordel Charter op www.ggf.be ) zitten honderden ha. aan ruimte (door zuinig en duurzaam ruimtegebruik en in de hoogte te gaan waar mogelijk). Is de samenwerking die het Hanzestadnetwerk aan het stadsbestuur aanbiedt niet de mooiste vorm van compensatie? Het is in de steden dat het nieuwe democratische weefsel moet groeien. De emancipatie van de burger vertaalde zich in een totaal gewijzigde verhouding tussen burgers en politici. De burger verwacht steeds meer dat de politica/us zijn (persoonlijke) problemen oplost. De politica/us moet ten dienste staan van de individuele burger, terwijl de politica/us er is om het samenleven tussen de burgers te organiseren en te valoriseren. Zij/hij doet dit met het oog op het algemeen belang: de maatschappelijke organisatie moet een toegevoegde waarde hebben voor het geheel van de burgers. Algemeen belang is dus iets anders dan de optelsom van de individuele belangen. Meer nog, het algemeen belang kan in botsing komen met het individueel belang. In de politiek gaat het dus op de eerste plaats om het samenleven van de burgers. Hierbij moet benadrukt worden dat het de burgers zijn die samenleven ... Men kan dat samenleven dus niet organiseren zonder hun medewerking. Daar draait de burgerzin om ... Andere tijden vragen om een andere politiek, andere politici. En die nieuwe aanpak zal uit het stedelijk milieu moeten komen ... "Er bestaan geen pasklare formules voor die nieuwe aanpak. Maar ik ben er zeker van dat de burgerdemocratie in een impasse zal terechtkomen. Er moet worden gewerkt aan nieuwe samenlevingsvormen die het 'ik' opnieuw voldoende 'wij' laten worden. We hebben nood aan een nieuwe vorm van personalisme. Ik ben ook overtuigd dat dit van onderuit moet worden opgebouwd in de steden en de wijken. Daar leven de mensen samen, daar moeten die nieuwe vormen van samenleving groeien en politiek begeleid worden ... " Aldus Jean-Luc Dehaene in een voorpublicatie van zijn boek "Er is nog leven na de 16" verschenen in een voorpublicatie in Knack 4/9/2002 Verslaggever: Tijs Vrolix, Bond Beter Leefmilieu Vlaanderen vzw We hebben het Lappersfortbos & de Chartreusenatuur niet geërfd van onze ouders maar geleend van onze kinderen … |