|
CONFLICT IS GOED
Conflict is niet noodzakelijk slecht. Er is zelfs een minimum aan conflict nodig
om creatief en innovatief bezig te zijn. Tot die conclusie komen zelfs bedrijven
zoals Fabricom die zich laten adviseren door management guru's als Edward Schein,
Kenneth Thomas of Ralph Kilmann. Burgemeesters luisteren dan eerder naar
gerenommeerde instituten zoals het Center for International Development and
Conflict Management. Haar advies is gelijkaardig: "Het gebrek aan conflict is
geen ideaal. Conflict kan een bron zijn van energie en creativiteit, wanneer
constructief aangewend".
Het Groene Gordel Front te Brugge gelooft hierin en grijpt het conflict met het
Lappersfortbos aan om de levenskwaliteit in Brugge beter te maken voor iedereen.
Het brede front, bestaande uit 84 kleine en grote organisaties, doet voorstellen
om ruimtelijke ordening en mobiliteit ten dienste te stellen van de burger.
SCHIETEN OP DE BOODSCHAPPER
Het antwoord van het stadsbestuur is de boodschapper met vredespijp en al te
sublimeren via een zelden geziene uitspatting van politiegeweld. Het leek op de
inval van Grenada door het machtige Amerika onder Reagan. Het resultaat van deze
machtsontplooiing is een nooit geziene mobilisatie van 4000 verontwaardigde
burgers. Een VRT journalist merkte op tijdens een debat: "Heeft de burgemeester
misschien steekpenningen ontvangen van het Lappersfront? Dit is werkelijk de
beste manier om het Groene Gordel Front een flinke duw in de rug te geven.".
"Als je die arme-drommelstaten bombardeert tot een moeras" zegt Noam Chomsky in
verband met 11 september " Dan krijg je muggen". In Brugge heb je nu zo'n 4000
muggen.
DE RECHTSSTAAT
Juist, er is geprovoceerd. Jongeren met hanenkammen en neusringen worden massaal
opgevoerd in de media, een minister wordt via de achterdeur Brugge
binnengeloodst en een privé eigendom wordt omgetoverd tot een circustent waar
massa's volk naar toe gelokt worden.
Juist, er is een politieke meerderheid die de bestemmingsplannen van het
Lappersfortbos ondersteunt.
Juist, we leven in een rechtsstaat; eigendomsrecht is een prioriteit; er was een
vonnis.
Juist, vrouwen zijn dom en moeten niet naar de universiteit. Ah, zoals u merkt,
stopt hier het argument van de rechtsstaat.
Het laatste was juist tot in 1920. Daarvoor mochten vrouwen zich niet
inschrijven aan de universiteit van Leuven. Waant u zich eens in het jaar 1919.
U bent vrouw. Uiteraard legt u zich niet neer bij een weigering tot
inschrijving. Met 20 gelijkgestemden gaat u uit protest tegen de gevel van de
oude bibliotheek gaan hangen. En dat duurt 20 dagen ... tot de rector de
burgemeester vraagt om dit rifraf hardhandig te verwijderen. Vandaag is het
hallucinant te beseffen dat vrouwen in 1919 zelfs geen stemrecht hadden. De
rechtsstaat blijkt dus niet zo absoluut. De verklaring is dat de wetgeving
achterloopt op een voortdurend veranderende maatschappij. Burgerlijke
ongehoorzaamheid is een instrument waarbij altruïsten de catalysator proberen te
zijn om deze veranderingen te versnellen.
GEMISTE KANSEN
Het spijtige resultaat is dat het Stadsbestuur de kans gemist heeft om samen met
de burger een duurzame oplossing te vinden voor de mobiliteit in het zuiden van
Brugge.
Fabricom heeft een kans gemist om gratis een voorbeelddaad te stellen in de
richting van een sociale economie. Fabricom had zich kunnen ontdoen van een
onrendabele investering in vastgoed en zou met open armen ontvangen worden
tussen Umicore en Janssens Farmaceutica als lid van de sociale-economieclub
Business & Society. Deze bedrijven hebben een veel grotere inspanning moeten
doen om het Corporate Social Responsibility (CSR) label voor duurzame
ontwikkeling te bekomen.
Het Middenveld in Brugge heeft een kans gemist om inspraak van de burger in het
ruimtelijk beleid efficiënter en vlotter te helpen maken.
HET PROBLEEM
Er zijn drie problemen die duidelijk aan de oppervlakte komen drijven. Ten
eerste is er een gebrek aan een efficiënte communicatie met de burger. Het is
toch vreemd dat technisch gezien er een politieke meerderheid is die een optie
onderschrijft; en anderzijds is er een breed middenveld dat volledig ingaat
tegen de voorgestelde oplossing.
De communicatiestoornis zit hem onder andere in het feit dat mobiliteit en
ruimtelijke planning sterk geëvolueerd is tijdens de laatste 20 jaar.
Geïnformeerde burgers hebben ondertussen reeds iets begrepen van een duurzame
mobiliteit. De overheid heeft via informatiecampagnes en onderwijs ook hard
geïnvesteerd om de burger hiervoor wakker te maken. Die burger wéét ondertussen
dus dat symptoombestrijding vervangen moet worden door een meer fundamentele
aanpak. Dichtslibbende wegen moeten niet ontlast worden met nog meer wegen;
integendeel, de auto moet teruggedrongen worden ten voordele van fietser en
openbaar vervoer.
De wakkere burger heeft de evolutie gezien van een passieve en starre
ruimtelijke planning naar een actieve en dynamische aanpak. Actief in de zin van
"weten wat er op het terrein gebeurt" en dynamisch in de zin van "planning
gebeurt in een steeds veranderende omgeving".
Ten tweede is er de polarisering van het conflict tussen maatschappelijke
actoren tot een confrontatie tussen the good, the bad and the ugly. Voor velen
in het middenveld zijn bedrijven de boosdoener en de overheid de lelijke eend.
Bedrijven vinden sommige Niet Gouvernementele Organisaties (NGO's) dan weer de
slechteriken enzovoort. De drie grote actoren worden in het huidige denken tegen
mekaar opgezet; dat leidt tot irrationele uitspattingen.
Ten derde stellen we vast dat er een ruime consensus is rond de te volgen
uitgangspunten; er is een duidelijk gebrek aan kracht om deze op het terrein
waar te maken (of: om deze om te zetten in concrete strategieën). Het ACW van de
burgemeester zegt in haar standpunt over mobiliteit : "Ten behoeve van de
bereikbaarheid, de toegankelijkheid en de leefbaarheid dient het gebruik van de
auto als vervoermiddel te worden teruggedrongen". De huidige voorstellen van het
stadsbestuur voor de zuidelijke ontsluiting zullen echter het zogenaamde
"onderdrukte verkeer" aanzuigen en het tegendeel bereiken.
Als je een paar grotere bedrijven samenbrengt en je confronteert hen met de
vraag hoe het op langere termijn verder moet, dan is er een consensus. Bedrijven
komen zelf tot de conclusie dat ZIJZELF de ongebreidelde groei moeten helpen
intomen en ombuigen naar een duurzaam model. De World Business Council for
Sustainable Development (www.wbcsd.com)
duwt in de richting van duurzame ontwikkeling inclusief een sociale economie.
Partnerschappen moeten mogelijk zijn tussen bedrijven, NGO's en de overheid. Het
Prince of Wales Business Leaders Forum (
www.pwblf.org) voegt hier de
daad bij het woord en brengt Shell, Greenpeace en the City of London bij mekaar.
Als je de overheid samenbrengt, zoals dat door de Verenigde Naties gebeurde in
1992 in Rio, dan is er een consensus: we moeten evolueren in de richting van een
duurzame wereld. Dit alles betekent voor Brugge dat we nog altijd jobs moeten
creëren; maar niet ten koste van sociale verworvenheden of ten koste van het
milieu; laat staan dat de laatste snippers open ruimte opgeofferd worden zoals
onder andere het Lappersfortbos en het Chartreusegebied. Wat ontbreekt is een
scenario om daar te geraken.
DE OPLOSSING
De oplossing voor het maatschappelijk conflict met het Lappersfront is dus zeker
niet het gebruik van geweld. Geweld als recept voor conflictbestrijding is
barbaars en zoals vele Bruggelingen het zeggen, een culturele hoofdstad
onwaardig. Cultuur heeft waarschijnlijk meer te maken met hoe we samen
conflicten oplossen dan wel met het samen gaan kijken naar podiumkunsten.
Het kwaliteitsrecept voor het Lappersfortconflict is duidelijk iets anders. De
drie actoren met name, bedrijven, het stadsbestuur en het middenveld , dienen
rond de tafel te gaan zitten en samen tot oplossingen te komen die op langere
termijn houdbaar zijn. Wat ontbreekt is vooral leiderschap om een
besluitvormingsproces te installeren dat leidt tot duurzame oplossingen. Lokale
Agenda 21 stelt zo een besluitvormingsproces voor. Eén van de resultaten van de
grote VN duurzaamheidstop in RIO 1992, was het actieprogramma Agenda 21.
Hoofdstuk 28 van deze Agenda had het over hoe globale oplossingen voor
klimaatsproblemen en behoud van de soortenrijkdom op LOKAAL vlak te vertalen. De
instrumenten die daarbij kunnen gebruikt worden zijn de adviesraden: sociale
raad, emancipatieraad, mobiliteitsraad, derdewereldraad, Gecoro- en Mina-raad).
Meer fundamenteel is het belangrijk om in de toekomst de waarde van open ruimte
en natuur hard te maken. Amory Lovins is dé autoriteit die ervoor pleit een
economische waarde te geven aan natuurgebieden. Het is in ieder geval niet
logisch dat er planschade betaald moet worden aan Fabricom als er een
bestemmingswijziging komt van industrie naar natuur. Opvallend is ook dat er dan
weer geen compensatie is als Structo het waardevol natuurgebied van de
Meetkerkse Moeren inpalmt. In essentie is de Lappersfortactie een compensatie
voor het gebrek aan een economische waardering van natuur en open ruimte.
EEN EERSTE STAP
Om te komen tot een ruim overleg tussen alle maatschappelijke partners, kunnen
een paar voorbereidende stappen gezet worden.
Het stadsbestuur kan te rade gaan bij "Het handvest van Europese steden en
gemeenten op weg naar duurzaamheid (Handvest van Aalborg 1994)". Het handvest
reikt instrumenten en scenario's aan gemeenten aan om tot onder andere een goede
ruimtelijke en mobiliteitsplanning te komen.
Bedrijven zoals Fabricom kunnen zich laten begeleiden door consultants
gespecialiseerd in sociale economie, corporate governance of Corporate Social
Responsibility. Zij kunnen ook te rade gaan bij het businessplatform Business &
Society, het Vlaams Overlegplatform Sociale Economie (VOSEC), Kauri en Ethibel.
Met het middenveld zijn wijzelf reeds in gesprek met het Vlaams Overlegplatform
Duurzame Ontwikkeling (VODO) om een Lokaal Agenda 21 scenario uit te testen in
Brugge.
WAT HEEFT HET LAPPERSFORTBOS DAAR NU MEE TE MAKEN?
Het Lappersfortbos is vooral een symbolisch dossier. Het Groene Gordel Front te
Brugge wenst uiteindelijk een besluitvormingsproces te helpen uitbouwen dat
garanties moet bieden voor duurzame oplossingen op langere termijn. Dat is de
inzet van deze verbeten strijd. Deze strategie heeft tot gevolg dat op korte
termijn wij niet willen dat de laatste snippers open ruimte opgeofferd worden.
Het Lappersfortbos en het Chartreusegebied moeten daarom veilig gesteld worden.
Het laatste is dus niet een doel op zich maar heeft wel een symbolische
keerpuntfunctie.
|