|
Inleiding
Naar aanleiding van de recente berichtgeving in de pers
betreffende de dossiers Lappersfortbos en Chartreusegebied, en in het kader van
het lopende afbakeningsproces van het regionaalstedelijk gebied Brugge, wenst
het Groene Gordel Front hier een aantal relevante elementen op te noemen en haar
eigen visie omtrent het aanbod aan bedrijventerreinen in het Brugse te
verduidelijken.
Het is duidelijk dat er in de Brugse regio een zekere druk
bestaat om meer oppervlakte te voorzien voor allerlei industriële en aanverwante
activiteiten. Het is de overtuiging van het Groene Gordel Front dat deze
expansiedruk geen duurzaam karakter bezit, en grotendeels ingegeven wordt door
economische wetmatigheden die niet noodzakelijk parallel lopen met het algemeen
belang.
In tegenstelling tot de bestaande vorm van planning door de
overheid, moet de aandacht momenteel gaan naar het tot stand brengen van
industriële inbreiding met een efficiënt ruimtegebruik.
top
Efficiënter
ruimtegebruik
Het Groene Gordel Front stelt enerzijds dat de creatie van
werkgelegenheid al te gemakkelijk gekoppeld wordt aan het aanbod aan
bedrijventerreinen. Steeds wordt in termen van hectaren gesproken, en niet in
termen van werkgelegenheid of toegevoegde waarde. Dat het ook anders kan bewijst
onder meer "Bedrijvenstad Fortuna" te Sittard, waar
het creëren van werkgelegenheid bewust op een beperkte oppervlakte plaats vindt.
Volgende algemene principes zouden strikt moeten worden
toegepast, en steeds als toetsingskader gebruikt worden bij elke mogelijke
wijziging die zich aandient:
-
zuiniger ruimtegebruik (bouwen in meerdere lagen indien
mogelijk, gezamenlijke gemeenschappelijke voorzieningen, verhoogde
dichtheid,...)
-
het beperken van reserve in eigendom van bedrijven
(afgestemd op de bestaande omvang en de ontwikkelingsmogelijkheden van het
bedrijf)
-
verlaten of te groot geworden bedrijfsgebouwen gelegen op
de bedrijventerreinen opnieuw als bedrijfsruimte ter beschikking stellen
voor meer info verwijzen we naar het
Groene Gordel Charter
top
Objectieve
inventaris
Behalve het opmaken van een inventaris van leegstaande
bedrijfs- en handelsgebouwen en een heffing op leegstand (hetgeen nu reeds
gebeurt) zouden ook volgende - jaarlijks te updaten - inventarissen in een
geografisch informatiesysteem opgemaakt moeten worden:
-
Een inventaris van onbebouwde en ongebruikte industriële
percelen, waarbij ook rekening gehouden wordt met restruimte en strategische
reserves van bedrijven (als basis voor een in te voeren heffing op
braakliggende industriegrond). Deze inventaris moet door een objectief en
onafhankelijk orgaan opgemaakt worden, en moet voor iedereen toegankelijk
zijn. Dan pas kan er een ernstige dialoog tussen de verschillende sectoren
ontstaan, bijvoorbeeld binnen het afbakeningsproces van het regionaalstedelijk
gebied.
-
Een inventaris van de ruimteproductiviteit, uitgedrukt in
aantal rechtstreekse jobs per hectare en in gerealiseerde toegevoegde waarde
per hectare (als basis voor een ruimtelijke duurzaamheidsbarometer).
top
Duurzame economische
ruimtelijke ontwikkelingen in de Brugse regio
Nieuwe bedrijventerreinen kunnen voor het Groene Gordel Front
niet zolang niet alle mogelijkheden voor inbreiding en concentratie uitgeput
zijn. Het Groene Gordel Front wil daarbij volgende aandachtspunten naar voren
brengen:
-
Kantoorachtige bedrijvigheid (cfr. de plannen voor de
specifieke dienstenzone langs de Chartreuseweg) kan voor ons absoluut niet in
nieuw aan te snijden open-ruimtegebieden. Kantoorachtige bedrijvigheid is een
typische activiteit die in een stedelijke omgeving thuis hoort, aangezien de
milieuhinder zich beperkt tot de mobiliteitsproblematiek. De directe omgeving
van het station (een A-locatie), en eventueel de uit te bouwen treinstopplaats
te St.-Pieters zijn dan ook de aangewezen locaties voor een dergelijke
activiteit.
-
Er bestaan in de Brugse regio opportuniteiten om een
strategisch tewerkstellingsproject te realiseren. Concreet zou op de
Philips-terreinen een duurzame bedrijvencluster voor bijvoorbeeld startende
KMO's in de productiesfeer ontwikkeld kunnen worden. Een gelijkaardig project,
eerder op dienstverlening gericht, zou gerealiseerd kunnen worden in de oude
binnenhaven (de Brugse "docklands").
-
Er bestaat - zoals hierboven reeds aangegeven - momenteel
geen objectieve inventaris van leegstaande of extensief gebruikte
bedrijventerreinen in de Brugse regio. De cijfers die de GOM West-Vlaanderen
en het Streekplatform Brugge publiceerden stemmen niet overeen met hetgeen op
het terrein zichtbaar is. De (gedeeltelijke) leegstand van volgende terreinen
en gebouwen illustreert al één en ander: de oude veemarkt in de St.-Pieterszuidstraat,
de oude betonfabriek aan de Noorweegse Kaai, de terreinen naast de UCO langs
de J. Van Arteveldestraat, de fabriek van vleeswaren Maertens in de
Kolvestraat en nog enkele KMO's in de Blauwe Toren, Lamoral - Omega Pharma
(Waggelwater), Mercedes-garage Van Biervliet (Waggelwater), een deel van de
vroegere Outboard Marines / Drukkerij Walleyn (Pathoekeweg), de gebouwen van
Philips (Pathoekeweg), diverse terreinen langs de Pathoekeweg die amper benut
worden, de "vrachtwagenparking annex jeugdcentrum" aan de Entrepot, de
gebouwen van Créations Martine (industriezone Herdersbrug), de gebouwen van
Punch Plastics (Pathoekeweg), de Belgacom-gebouwen aan de achterzijde van het
station, de nationale bank aan de Ezelpoort, een aantal als kantoren bruikbare
gebouwen in de binnenstad (d'Hanins de Moerkerke aan de Coupure, de oude
kantoren van Van Ernst & Young - Van Acker Govaerts aan Sint-Walburga) ...
-
De vraag naar nieuwe oppervlakte bedrijventerreinen is niet
wetenschappelijk onderbouwd. Cijfers die door diverse actoren worden
gepubliceerd, zijn steeds politiek gekleurd. Dit geldt eveneens voor de
taakstelling van het Ruimtelijk Structuurplan Vlaanderen, die momenteel steeds
als basis wordt genomen. Nochtans bestaan er methodieken die op een
objectievere manier prognoses kunnen opbouwen, en waarbij werkgelegenheid het
uitgangspunt vormt.
-
Het is ontoelaatbaar dat open ruimte aangesneden zou worden
voor nieuwe regionale bedrijventerreinen, zolang er een ruime oppervlakte
maagdelijk industriegebied bestaat binnen de afbakening van het
zeehavengebied. In deze context kunnen we vermelden dat in het zeehavengebied
momenteel een oppervlakte van 160 ha door autoterminals ingenomen wordt. Het
bouwen van parkeergarages in tenminste vier bouwlagen zou hier op korte
termijn een honderdtal hectare kunnen vrijmaken voor andere activiteiten,
zoals een nieuw regionaal bedrijventerrein. Dat dit mogelijk is bewijst de
Britse situatie, waar autoterminals verplicht in de hoogte gaan.
-
Grootschalige kleinhandelszaken moeten geconcentreerd
worden in kleinhandelszones. Deze kunnen geïntegreerd worden in het
randstedelijk weefsel, en horen niet thuis op industrieterreinen (cfr. de
handelszaken in de ambachtelijke zone Blauwe Toren die overmatig autoverkeer
genereren, onbereikbaar zijn met andere vervoersmodi en ruimte inpalmen die
beter geschikt is voor de vestiging van hinderlijke bedrijven). De
handelsactiviteiten daar zouden beter afgebouwd en geconcentreerd worden,
bijvoorbeeld aan de Veemarkt-Fort Lapin. Ook voor handelsactiviteiten geldt
dat er zuinig met de beschikbare ruimte moet omgesprongen worden: het bouwen
in lagen en het gebruik van gemeenschappelijke parkings moet verplicht gemaakt
worden.
-
Er moet in het afbakeningsproces van het regionaalstedelijk
gebied Brugge zeer duidelijk gesteld worden dat de afbakeningslijn limitatief
is voor de groei naar buiten toe: ruimte is een schaars goed, zodat de
taakstellingen voor bijkomende bedrijventerreinen niet elke tien jaar opnieuw
kunnen verruimd worden.
top
Compensatie voor
het Lappersfortbos
Het Groene Gordel Front juicht de princiepsovereenkomst
tussen Fabricom en minister Dua om het Lappersfortbos te verkopen toe. We willen
echter volgende zaken onder de aandacht brengen:
-
De ontwikkeling van het Lappersfortbos als stadsbos kan in
geen geval gekoppeld worden aan het aansnijden van een stuk open ruimte, met
name het Chartreusegebied. Beide gebieden hebben hun intrinsieke waarde en
moeten hun specifieke rol spelen in een duurzame ruimtelijke ontwikkeling. Wij
willen geen van deze gebieden ingezet zien in een politieke koehandel.
-
Het aansnijden van open ruimte voor een nieuw regionaal
bedrijventerrein van eender welke aard kan voor het Groene Gordel Front niet.
Een eventueel compensatiegebied voor een groene bestemmingswijziging van het
als industriegebied ingekleurde deel van het Lappersfortbos (dat - in
tegenstelling tot wat sommige bronnen beweren - slechts 4 hectare omvat) kan
enkel in aansluiting met een bestaand bedrijventerrein, enkel voor
milieubelastende en vrachtverkeer genererende KMO's (dus geen kantoorachtigen
of dienstverlening met loketfunctie), en zonder gevaar voor versnippering van
de open ruimte, voor de aantasting van ecologische en recreatieve waarden of
voor het ontstaan van nieuwe mobiliteits- en milieuproblemen. Eventueel kan de
compensatie ingeschreven worden bij de industriële reservegronden, zoals
voorzien binnen de uitvoering van het Ruimtelijk Structuurplan Vlaanderen. We
mogen daarbij niet vergeten dat industriële inbreiding momenteel de
belangrijkste opgave is.
-
Voor het als KMO-zone ingekleurde deel van het
Lappersfortbos (het moerasgebied) is compensatie zeker niet evident, omdat dit
stuk toch al altijd onbruikbaar was als bedrijventerrein, en de stad hier
sowieso de bestemming als KMO-zone wilde schrappen (volgens het voorontwerp
van het gemeentelijk ruimtelijk structuurplan).
-
Het Groene Gordel Front betreurt
het dat de Vlaamse overheid zich moet bekommeren om een stadsbos waarvan het
nut de stad toekomt, en dat omgekeerd de stad alle middelen in het werk stelt
om een nieuw regionaal bedrijventerrein (een duidelijke bevoegdheid van de
Vlaamse overheid) in het Chartreusegebied in te planten.
Om mee te helpen zoeken en denken en om
het principe van "duurzaamheid" kracht bij te zetten zal het Groene Gordel Front
zijn "Chartreuse-memorandum" voor duurzaam ruimtegebruik en duurzame
werkgelegenheid aanbieden aan de vooravond van 1 mei aan de gemeenteraadsleden
en schepenen van Brugge (afspraak dinsdag 29 april om 18 u op de Burg voor het
stadhuis).
Het Groene Gordel Front gelooft dat
in deze eeuw werkgelegenheid en economie kan samengaan met het bewaren van de
Brugse Groene Gordel van Lappersfort en Chartreuse. In dialoog en openheid
blijft onze uitgestoken hand bestaan. Omwille van Brugges groene erfgoed en onze
kleinkinderen!
29/4/2003
top
|